Wat je zegt en wat je vraagt in gebed is belangrijk.
Maar wat belangrijker is, is je verhouding tot én je houding tegenover
God. Sommige mensen denken dat bidden is: Je handen vouwen, Je ogen sluiten,
Je knieën buigen en een paar woordjes prevelen. Nu kan men uiterlijk
de houding van gebed aannemen, en innerlijk met iets héél
anders bezig zijn.
Matthéüs 6:1; 5-8; 16-18: Ziet toe, dat gij
uw gerechtigheid niet doet voor de mensen, om door hen opgemerkt te worden;
want dan hebt gij geen loon bij uw Vader, die in de hemelen is... Wanneer
gij bidt, zult gij niet zijn als de huichelaars, want zij staan gaarne in
de synagogen en op de hoeken der pleinen te bidden, om zich aan de mensen
te vertonen. Voorwaar, Ik zeg u, zij hebben hun loon reeds. Maar gij, wanneer
gij bidt, ga in uw binnenkamer, sluit uw deur en bid tot uw Vader in het
verborgene; en uw Vader, die in het verborgene ziet, zal het u vergelden.
En gebruikt bij uw bidden geen omhaal van woorden, zoals de heidenen; want
zij menen door hun veelheid van woorden verhoord te zullen worden. Wordt
hun dan niet gelijk, want [God] uw Vader weet, wat gij van node hebt, eer
gij Hem bidt... En wanneer gij vast, toont dan niet, zoals de huichelaars,
een somber gelaat; want zij maken hun aangezicht ontoonbaar, om zich aan
de mensen te vertonen, wanneer zij vasten. Voorwaar, Ik zeg u, zij hebben
hun loon reeds. Maar gij, zalf uw hoofd, als gij vast, en was uw gelaat,
om u niet bij uw vasten aan de mensen te vertonen, maar aan uw Vader, die
in het verborgene is; en uw Vader, die in het verborgene ziet, zal het u
vergelden.
Denk aan Kaïn: Hij bracht een offer. Knielde neer. Hief zijn handen
naar God. Maar zijn hart was niet oprecht. Hij was jaloers op Abel. Hij
was kwaad op Abel. Hij vermoordde Abel.
Denk aan de Farizeeër in de tempel. Deze man nam wel een houding van
gebed aan. Maar dat was slechts schijn. Al span je je nog zo in om te bidden,
als er dingen in het hart zijn die niet goed zijn en we veranderen dat niet
eerst, dan hoort God ons niet! Hij verhoort ons óók niet!
Hij heeft zelfs een hekel aan dat gebed. Dat is waarom sommige gebeden niets
uitrichten.
Marcus 11:25,26: En wanneer gij staat te bidden, vergeeft
wat gij tegen iemand mocht hebben, opdat ook uw Vader in de hemelen uw overtredingen
vergeve. Indien gij echter niet vergeeft, zal ook uw Vader, die in de hemelen
is, uw overtredingen niet vergeven. Jesaja 1:10-22: Hoort het woord
des HEREN, bestuurders van Sodom; neigt uw oor tot de onderwijzing
van onze God, volk van Gomorra. Waartoe dient Mij de menigte uwer slachtoffers?
zegt de HERE; oververzadigd ben Ik van de brandoffers van rammen
en het vet van mestkalveren, en aan het bloed van stieren, schapen en bokken
heb Ik geen welgevallen. Wanneer gij komt om voor mijn aangezicht te verschijnen
- wie heeft dit van u verlangd mijn voorhoven plat te treden? Gaat niet
voort met huichelachtige offers te brengen - gruwelijk reukwerk is het Mij;
nieuwe maan en sabbat, het bijeenroepen der samenkomsten - Ik verdraag het
niet: onrecht met feestelijke vergadering. Uw nieuwemaansdagen en uw feesten
haat Ik met heel mijn ziel, zij zijn Mij een last. Ik ben moede ze te dragen.
Wanneer gij uw handen uitbreidt, verberg Ik mijn ogen voor u; zelfs wanneer
gij het gebed vermenigvuldigt, hoor Ik niet; uw handen zijn vol bloed. Wast
u, reinigt u, doet uw boze daden uit mijn ogen weg; houdt op kwaad te doen;
leert goed te doen, tracht naar recht, houdt de geweldenaar in toom, doet
recht aan de wees, verdedigt de rechtszaak der weduwe. Komt toch en laat
ons tezamen richten, zegt de HERE; al waren uw zonden als scharlaken,
zij zullen wit worden als sneeuw; al waren zij rood als karmozijn, zij zullen
worden als witte wol. Als gij gewillig zijt en luistert, zult gij het goede
des lands eten; maar als gij weigert en weerspannig zijt, zult gij door
het zwaard worden verteerd, want de mond des HEREN heeft het gesproken.
God zegt in Matthéüs 15:8: Dit volk eert Mij
met de lippen maar hun hart is verre van Mij (zie ook Jesaja 29:13). Bidden
is contact hebben met God! Dat is innig met God in aanraking komen.
Bidden is verkeren in Zijn tegenwoordigheid. Dat is alleen mogelijk
met een oprecht en gewassen rein hart.
Hebreeën 10:19-22: Daar wij dan, broeders, volle vrijmoedigheid
bezitten om in te gaan in het heiligdom van Jezus, langs de nieuwe en levende
weg, die Hij ons ingewijd heeft, door het voorhangsel, dat is, zijn vlees,
en wij een grote priester over het huis Gods hebben, laten wij toetreden
met een waarachtig hart, in volle verzekerdheid des geloofs, met een hart,
dat door besprenging gezuiverd is van besef van kwaad, en met een lichaam,
dat gewassen is met zuiver water.
Daarom zijn woorden wel belangrijk, maar het hart waarmee wij ze bidden
is belangrijker!