Psalm 119:2: Welzalig zij, die Zijn getuigenissen bewaren, die Hem van ganser harte zoeken. Een afgeleid hart kan ons zo vaak hinderen bij het bidden. Het kan ons bidden zelfs onmogelijk maken. Met andere woorden, we hebben een heilig verlangen om tot God te gaan. We zonderen ons af. We knielen neer om te gaan bidden. En op het moment dat we willen gaan bidden, als we net met God in contact willen komen... Horen we de baby huilen. Begint de fluitketel te fluiten. De hond begint te blaffen. De kat begint te miauwen. We horen een vlieg zoemen. Ergens kraait een haan. De telefoon begint te rinkelen. Ziet u hoe wij afgeleid kunnen worden op het moment dat we beginnen te bidden? En zo is het soms absoluut onmogelijk om onze aandacht bij het gebed te houden. Ineens schieten gedachten door ons hoofd: O ja, ze komen straks om het gas en licht op te meten. O, opa en oma komen straks langs. Mensenlief, ik moet nog aardappelen schillen, en groente schoonmaken. En zo raken we tijdens het bidden afgeleid door onze gedachten. Ons hart wordt afgeleid en het contact wordt verbroken. Nu heb ik allerlei dingen genoemd die op zichzelf onschuldig zijn, dingen waar we toch dikwijls door afgeleid raken. Ik kan echter nog vele andere dingen noemen. Lelijke, vieze, onheilige gedachten die voortkomen uit een zondig hart. Of een oppervlakkigheid, een gebrek aan diepgang in ons denken. Het zullen niet alleen onschuldige dingen zijn die ons hinderen tijdens het gebed. Hoe komt dat toch, vraagt men zich af. Waarom ben ik zo verward in mijn denken, waarom ben ik zo onrustig, en kan ik niet bidden. Vele christenen maken zich er goedkoop van af door een houding van: Wel, ik kan er niets aan doen. Ik ben nu eenmaal zo. Je kunt dat nu wel zeggen, maar je bent er daardoor nog niet van af. Het probleem is nog niet opgelost. Als we hier last van hebben, moeten we ons er niet bij neerleggen maar er juist iets aan gaan doen! Er zijn zovele oorzaken te noemen, waardoor men afgeleid wordt tijdens het gebed. EÈn oorzaak kan zijn dat we van twee walletjes willen eten. We zijn verbonden met GOD en tegelijk met de WERELD. We dienen twee heren. We putten uit twee verschillende bronnen. We drinken uit twee bekers. We maken geen ernst met het gebed. We nemen heiligheid niet serieus. We zijn niet alleen geconcentreerd op God. We hebben niet voldoende liefde tot God om met Hem in contact te willen komen. We hebben misschien zonden waarvoor we nog geen vergeving hebben gevraagd en ontvangen, etc. U zult er versteld van staan als u zoudt weten waar velen in het hart mee bezig zijn terwijl ze bidden. Vind u het gek dat God zegt: Matthȸs 15:8: Dit volk eert Mij met hun lippen, maar hun hart is verre van Mij. We moeten het afdwalen van onze gedachten terwijl wij bidden niet iets normaals vinden. We moeten ons ertegen verzetten en God zal een ieder helpen die dit oprecht wil. God wil namelijk dat Zijn kinderen naar gebedsgemeenschap verlangen, werkelijk zullen genieten van die gemeenschap in het gebed. Het kan dus zijn dat de afleiding van onze gedachten van satan komt. In dat geval kun je nergens anders hulp vinden dan bij Jezus Christus alleen. De Bijbel zegt dat Jezus Christus is gekomen om de werken des duivels te verbreken (1 Johannes 3:8). Het kan ook zijn dat het afdwalen van onze gedachten voortkomt uit de gesteldheid van geest of lichaam. U bent gewoon oververmoeid of overspannen. In dat geval mag u ook tot God gaan en God geeft rust. En u moet ook rust nemen. EÈn ding staat vast: Afleiding kun je overwinnen door je te dekken onder het bloed van het Lam en door de kracht van de Heilige Geest.