Bijbelse waarheden over Niet-behouden
geliefden
En zij zeiden: Geloof in de Here Jezus Christus, en
gij zult zalig worden, gij en uw huis.
Handelingen 16:31
Die woorden tot u zal spreken, door welke gij zult
zalig worden, en geheel uw huis.
Handelingen 11:14
Alzo bestaat bij uw Vader die in de hemelen is de wil
niet, dat een van deze kleinen verloren gaat.
Matthéüs 18:14
Want Ik zal water gieten op het dorstige en stromen
op het droge; Ik zal Mijn Geest op uw nakroost gieten, en Mijn
zegen op uw nakomelingen.
Jesaja 44:3
Hij, Die u roept is getrouw, die het ook doen zal.
1 Thessalonicenzen 5:24
De Here vertraagt de belofte niet (gelijk enigen dat traagheid
noemen), maar is lankmoedig over ons, niet willende dat enigen
verloren gaan, maar dat zij allen tot bekering komen.
2 Petrus 3:9
Evenzo gij vrouwen, zijt uw eigen mannen onderdanig;
opdat ook, zo enigen het Woord ongehoorzaam zijn, zij door de
wandel hunner vrouwen zonder woorden mogen gewonnen worden,
als zij zullen ingezien hebben uw reine wandel in vreze.
1 Petrus 3:1,2
Werp uw zorg op de HERE, en Hij zal u onderhouden;
Hij zal in eeuwigheid niet toelaten, dat de rechtvaardige wankele.
Psalm 55:23
Alzo zegt de HERE: Bewaart het recht en doet gerechtigheid;
want Mijn heil is nabij om te komen, en Mijn gerechtigheid om
geopenbaard te worden.
Jesaja 56:1
En een vrouw, die een ongelovige man heeft, en hij tevreden is
bij haar te wonen, dat zij hem niet verlate.
Want de ongelovige man is geheiligd door de vrouw, en de ongelovige
vrouw is geheiligd door de man. Want anders waren uw kinderen
onrein, maar nu zijn ze heilig.
Maar indien de ongelovige scheidt, dat hij scheide. De broeder
of de zuster is in dit geval niet gebonden. Maar God heeft ons
tot vrede geroepen.
Want hoe weet gij vrouw, of gij de man zult zalig maken? Of hoe
weet gij man, of gij de vrouw zult zalig maken?
1 Korinthiërs 7:13-16
Beproeft alle dingen, behoudt het goede.
Onthoudt u van alle schijn des kwaads.
1 Thessalonicenzen 5:21,22
De HERE heeft Zijn heil bekend gemaakt; Hij heeft Zijn
gerechtigheid geopenbaard voor de ogen der heidenen.
Psalm 98:2
Wie is er onder u, die de HERE vreest, die naar de
stem Zijns Knechts hoort? Als hij in de duisternis wandelt en
geen licht heeft, dat hij betrouwe op de Naam des HEREN en steune
op zijn God.
Jesaja 50:10
Doch Ik zeg u de waarheid, het is u nut, dat Ik wegga;
want als Ik niet wegga, zo zal de Trooster tot u niet komen; maar
indien Ik heenga, zo zal Ik Hem tot u zenden.
En Die gekomen zijnde, zal de wereld overtuigen van zonde, en
van gerechtigheid, en van oordeel.
Johannes 16:7,8
Leer de jongen de eerste beginselen naar de eis zijns
wegs; als hij ook oud zal geworden zijn, zal hij daarvan niet
afwijken.
Spreuken 22:6