Wat de Bijbel te zeggen heeft over Rentmeesterschap

 

Zal een mens God beroven? Maar gij berooft Mij, en zegt: Waarin beroven wij U? In de tienden en in het hefoffer.
Met een vloek zijt gij vervloekt, omdat gij Mij berooft, zelfs het ganse volk.
Brengt al de tienden in het schathuis, opdat er spijze zij in Mijn huis; en beproeft Mij nu daarin, zegt de HERE der heerscharen, of Ik u dan niet zal opendoen de vensters des hemels en zegen over u afgieten, zodat er geen schuren genoeg wezen zullen.
En Ik zal om uwentwil de afvreter dreigen dat hij u de vrucht des lands niet verderve; en de wijnstok op het veld zal u geen misdracht voortbrengen, zegt de HERE der heerscharen.
En alle heidenen zullen u gelukzalig noemen; omdat gij een land van welbehagen zijt, zegt de HERE der heerscharen.
Maleachi 3:8-12

Aangaande nu de inzameling die voor de heiligen geschiedt, gelijk als ik aan de gemeenten in Galatië verordend heb, doet ook gij alzo.
Op elke eerste dag der week legge een ieder van u iets naar vermogen bij zichzelf weg, vergaderende een schat; opdat de inzamelingen alsdan niet eerst geschieden, wanneer ik gekomen zal zijn.
1 Korinthiërs 16:1,2a

En dit zeg ik: Wie spaarzaam zaait, zal ook spaarzaam maaien; en die in zegeningen zaait, zal ook in zegeningen maaien.
Een ieder doe, gelijk hij in zijn hart voorneemt, niet uit droefheid of uit nooddwang. Want God heeft een blijmoedige gever lief.
En God is bij machte alle genade te doen overvloedig zijn in u, opdat gij in alles te allen tijd van alles genoegzaam voorzien, tot alle goed werk overvloedig moogt zijn.
2 Korinthiërs 9:6-8

Geliefde, voor alle dingen wens ik dat het u wèl gaat en gij gezond zijt, gelijk het uw ziel wèl gaat.
3 Johannes 2

En al wat gij doet, doet dat van harte als voor de Here en niet voor de mensen, wetende, dat gij van de Here zult ontvangen de vergelding der erfenis; want gij dient Christus als Heer.
Kolossenzen 3:23,24

Maar vergadert u schatten in de hemel, waar noch mot noch roest ze verderft, en waar de dieven niet doorgraven noch stelen. Want waar uw schat is, daar zal ook uw hart zijn.
Matthéüs 6:20,21

Geeft, en u zal gegeven worden; een goede, neergedrukte en geschudde en overlopende maat zal men in uw schoot geven; want met dezelfde maat waarmede gij meet, zal u wedergemeten worden.
Lukas 6:38

Maar zoekt eerst het Koninkrijk Gods en Zijn gerechtigheid, en al deze dingen zullen u toegeworpen worden.
Matthéüs 6:33

En zo wie zal verlaten hebben huizen, of broeders, of zusters, of vader, of moeder, of vrouw, of kinderen, of akkers om Mijns Naams wil, die zal honderdvoud ontvangen en het eeuwige leven beërven.
Matthéüs 19:29

Geneest de kranken, reinigt de melaatsen, wekt de doden op, werpt de duivelen uit. Gij hebt het om niet ontvangen, geeft het om niet.
Matthéüs 10:8

Houdt dan de woorden van dit verbond, en doet ze; opdat gij verstandig handelt in alles, wat gij doen zult.
Deuteronomium 29:9

Dan zult gij voorspoedig zijn, als gij waarnemen zult te doen de inzettingen en de rechten die de HERE aan Mozes geboden heeft over Israël.
1 Kronieken 22:13a

Indien zij horen en Hem dienen, zo zullen zij hun dagen eindigen in het goede, en hun jaren in liefelijkheden.
Job 36:11

En al deze zegeningen zullen over u komen, en uw deel worden, wanneer gij de stem van de HERE, uw God, zult gehoorzaam zijn.
Gezegend zult gij zijn in de stad, en gezegend zult gij zijn in het veld.
Gezegend zal zijn de vrucht van uw buik, en de vrucht van uw lam, en de vrucht uwer beesten, de voortzetting uwer koeien, en de kudden van uw kleinvee.
Gezegend zal zijn uw korf, en uw baktrog. Gezegend zult gij zijn in uw ingaan, gezegend zult gij zijn in uw uitgaan.
De HERE zal geven uw vijanden, die tegen u opstaan, verslagen voor uw aangezicht; door één weg zullen zij tot u uittrekken, maar door zeven wegen zullen zij voor uw aangezicht vlieden.
De HERE zal de zegen gebieden, dat Hij met u zij in uw schuren, en in alles, waaraan gij uw hand slaat; en Hij zal u zegenen in het land, dat u de HERE, uw God, geven zal.
En de HERE zal u doen overvloeien aan goed, in de vrucht van uw buik, en in de vrucht uwer beesten, en in de vrucht van uw lam, op het land, dat de HERE uw vaderen gezworen heeft u te zullen geven.
De HERE zal u opendoen Zijn goede schat, de hemel, om aan uw land regen te geven te zijner tijd, en om te zegenen al het werk uwer hand; en gij zult aan vele volken lenen, maar gij zult van hen niet lenen.
Deuteronomium 28:2-8,11,12

Er zijn er, die uitstrooien en toch nog meer verkrijgen; terwijl anderen meer inhouden dan recht is en toch gebrek lijden.
De zegenende ziel wordt overvloedig verkwikt, wie laaft, wordt zelf ook gelaafd.
Spreuken 11:24,25

En Jezus antwoordde en zeide: Voorwaar Ik zeg u, er is niemand die verlaten heeft huis, of broeders, of zusters, of vader, of moeder, of vrouw, of kinderen, of akkers om Mijnentwil en omwille van het Evangelie,
of hij ontvangt honderdvoud, nu in deze tijd huizen, en broeders, en zusters, en moeders, en kinderen, en akkers met de vervolgingen, en in de toekomende eeuw het eeuwige leven.
Markus 10:29,30

Dat het boek dezer wet niet wijke van uw mond, maar overleg het dag en nacht, opdat gij waarneemt te doen naar alles wat daarin geschreven is; want alsdan zult gij uw wegen voorspoedig maken, en alsdan zult gij verstandig handelen.
Jozua 1:8