Jezus is uw Vergeving

Tot prijs der heerlijkheid Zijner genade, door welke Hij ons begenadigd heeft in de Geliefde, in welke wij hebben de verlossing door Zijn bloed, namelijk de vergeving der misdaden, naar de rijkdom Zijner genade.
Efeziërs 1:6,7

De misdaad Uws volks hebt Gij weggenomen; Gij hebt al hun zonden bedekt.
Psalm 85:3

Zo dan, indien iemand in Christus is, die is een nieuw schepsel; het oude is voorbijgegaan, zie, het is alles nieuw geworden.
2 Korinthiërs 5:17

Zo ver het oosten is van het westen, zó ver doet Hij onze overtredingen van ons.
Psalm 103:12

Ik, Ik ben het, die uw overtredingen uitdelg om Mijnentwil, en Ik gedenk uw zonden niet.
Jesaja 43:25

Mijn kinderkens, ik schrijf u deze dingen, opdat gij niet zondigt. En indien iemand gezondigd heeft, wij hebben een Voorspraak bij de Vader, Jezus Christus de rechtvaardige.
1 Johannes 2:1

Indien wij onze zonden belijden, Hij is getrouw en rechtvaardig, om ons de zonden te vergeven, en ons te reinigen van alle ongerechtigheid.
1 Johannes 1:9

Want Ik zal hun ongerechtigheden genadig zijn, en hun zonden en hun overtredingen zal Ik geenszins meer gedenken.
Hebreeën 8:12

De goddeloze verlate zijn weg, en de ongerechtige man zijn gedachten; en hij bekere zich tot de HERE, zo zal Hij Zich over hem ontfermen, en tot onze God, want Hij vergeeft veelvuldig.
Jesaja 55:7

Verdragende elkander en vergevende de een de ander, zo iemand tegen iemand enige klacht heeft; gelijk als Christus u vergeven heeft, doet ook gij alzo.
Kolossenzen 3:13

En wanneer gij staat om te bidden, vergeeft, indien gij iets hebt tegen iemand; opdat ook uw Vader, Die in de hemelen is, u uw misdaden vergeve.
Markus 11:25

Hij heeft u, hoewel gij dood waart door uw misdaden en onbesnedenheid naar het vlees, mede levend gemaakt met Hem, toen Hij ons al onze misdaden vergaf.
Kolossenzen 2:13

Ik zal hen reinigen van al hun ongerechtigheid, waardoor zij tegen Mij gezondigd hebben; en Ik zal vergeven al hun ongerechtigheden, waardoor zij tegen Mij gezondigd en tegen Mij overtreden hebben.
Jeremia 33:8

Komt dan en laat ons samen richten, zegt de HERE; al waren uw zonden als scharlaken, zij zullen wit worden als sneeuw; al waren zij rood als karmozijn, zij zullen worden als witte wol.
Jesaja 1:18

Welgelukzalig is hij wiens overtreding vergeven, wiens zonde bedekt is.
Welgelukzalig is de mens, wien de HERE de ongerechtigheid niet toerekent, en in wiens geest geen bedrog is.
Psalm 32:1,2