Jezus is uw Metgezel

Ik ben een metgezel van allen die U vrezen, en van hen die Uw bevelen onderhouden.
Psalm 119:63

Een man, die vrienden heeft, moet zich vriendelijk tonen; want soms is een vriend aanhankelijker dan een broeder.
Spreuken 18:24

Uw wandel zij onbaatzuchtig, en wees tevreden met wat gij nu hebt; want Hij heeft gezegd: Ik zal u niet begeven, en Ik zal u niet verlaten.
Hebreeën 13:5

Ik zal u niet als wezen achterlaten. Ik kom weder tot u.
Johannes 14:18

Nadert tot God, en Hij zal tot u naderen. Reinigt de handen gij zondaars, en zuivert de harten gij die innerlijk verdeeld zijt!
Jakobus 4:8

Ik noem u niet meer dienstknechten, want de dienstknecht weet niet wat zijn heer doet; maar Ik heb u vrienden genoemd, want al wat Ik van Mijn Vader gehoord heb, dat heb Ik u bekend gemaakt. Gij hebt Mij niet uitgekozen, maar Ik heb u uitgekozen, en Ik heb u aangewezen opdat gij zoudt heengaan en vrucht dragen en dat uw vrucht blijve; opdat de Vader u alles geve, wat gij Hem bidt in Mijn Naam.
Johannes 15:15,16

Maar indien wij in het licht wandelen, gelijk Hij in het licht is, zo hebben wij gemeenschap met elkander, en het bloed van Jezus Christus Zijn Zoon reinigt ons van alle zonde.
1 Johannes 1:7

Want bergen zullen wijken en heuvelen wankelen, maar Mijn goedertierenheid zal van u niet wijken, en het verbond Mijns vredes zal niet wankelen, zegt de HERE, uw Ontfermer.
Jesaja 54:10

Zie, Ik sta aan de deur en Ik klop; indien iemand Mijn stem zal horen en de deur opendoen, Ik zal tot hem inkomen, en Ik zal met hem avondmaal houden, en hij met Mij.
Openbaring 3:20

Want mijn vader en mijn moeder hebben mij verlaten, maar de HERE zal mij aannemen.
Psalm 27:10

Dit is Mijn gebod, dat gij elkander liefhebt gelijk Ik u liefgehad heb. Niemand heeft meer liefde, dan dat hij zijn leven inzet voor zijn vrienden. Gij zijt Mijn vrienden, zo gij doet wat Ik u gebied.
Johannes 15:12-14

God is getrouw, door Wie gij geroepen zijt tot gemeenschap met Zijn Zoon Jezus Christus, onze Here.
1 Korinthiërs 1:9

Hetgeen wij dan gezien en gehoord hebben, dat verkondigen wij u, opdat ook gij met ons gemeenschap zoudt hebben, en ónze gemeenschap is met de Vader en met Zijn Zoon Jezus Christus.
1 Johannes 1:3